De kinderen van het Binnenhof

Voorpublicatie | Marc Udink

De kinderen van het Binnenhof

Voorpublicatie | Marc Udink

Als eerste in een serie verhalen van trotse kinderen van het Binnenhof vertelt topadvocaat Marc Udink, zoon van Berend Jan (Bé) Udink – minister van Volkshuis-vesting en Ontwikkelingssamenwerking in de kabinetten De Jong en Biesheuvel I en II – over zijn kinderjaren op het Binnenhof.

De saamhorigheid van de bewoners voel je in het hele gebouw

Niet veel mensen zullen op de zolders van het Binnenhof zijn geweest. Een plek met heel veel balken en kleine vergeten ramen en ruimtes. Het was een eindeloze aaneenschakeling van ruimte, stof en spinnenwebben, waar het tumult van buiten en van onder in de gebouwen niet doordrong. Je begon aan de ene kant bij de Tweede Kamer en je eindigde – via allerlei omwegen en spelonken – uiteindelijk bij het Torentje, waar toen nog de minister van Binnenlandse Zaken zat.

In de tijd waar ik nu over spreek was dat Henk Beernink (CHU), waar ik oom Henk tegen zei. Een groot deel van al deze ruimtes zal de verbouwingen in de jaren 80 van de 20ste eeuw niet hebben overleefd. Er was steeds meer ruimte nodig voor medewerkers en de voortstormende techniek. Toch is dit de plek waar ik als kind geregeld mocht komen. Eerst mee met de technische dienst, maar later ook zonder begeleiding.

Door het Binnenhof ben ik van Rotterdammer toch Hagenaar geworden

Op een dag mocht ik weer eens mee naar Den Haag. Het was kerstvakantie, maar het reces was nog niet begonnen en de Kamers waren nog in vol bedrijf. Mijn vader en ik werden door Aad afgezet bij de ingang van de Tweede Kamer om naar de links daarvan liggende Ministerskamer op de eerste verdieping te gaan. Aad had in die tijd nog een pet op en een uniform aan met een fantastisch Nederlands wapen erop. Bij de trap werden we aangesproken door een oude man en een man van rond de 45, iets ouder dan mijn vader. Je kon duidelijk zien dat ze vader en zoon waren. Beiden een saaie regenjas aan en beiden natgeregend omdat ze beiden met de fiets waren gekomen. Ik begreep dat ze (beiden!) lijsttrekker van een politieke partij waren. Drees jr. was het nu, zijn vader was het geweest. Drees sr. heeft me toen de weg gewezen naar de kamerbewaarder: die zou me het gebouw wel even laten zien.

Van beveiliging en pasjes was natuurlijk nog geen sprake in die tijd. Ik werd naar de Ministerskamer gebracht en kreeg een introductie over hoe alles zat. Ik moest me wel eerst even melden bij de voorzitter van de Tweede Kamer, Josef van Thiel (KVP), die net in conclaaf was met Anne Vondeling (PvdA, lid van het Presidium en zijn latere opvolger). Zij adviseerden mij om toch echt de zolders eens te bekijken, een advies dat mijn begeleider en ik ter harte genomen. Zo werden de zolders mijn domein. Ik was tien en wist niet beter.

 

… Lees verder in uitgave II

Uitgave II
Verwacht najaar 2023

Reserveer alvast de eerste uitgave die uitkomt in het najaar van 2021

VOORPUBLICATIES